De Textielprijs Vichte: de koers van de locale Textiliens
Vichte is een klein Zuid-West-Vlaams dorp dat zich situeert tussen de Schelde en de Leie. Het telt momenteel een kleine 5000 inwoners. Niets doet echter vermoeden dat deze kleine gemeente mee aan de bakermat van het West-Vlaamse wielrennen stond.
De kermiskoers “Textielprijs Vichte” is vandaag uitgegroeid tot één van de meest gerespecteerde en volkse wielerwedstrijden van Vlaanderen. Wat ooit begon als een lokale koers, groeide uit tot een vaste waarde op de wielerkalender, zonder daarbij haar authentieke karakter te verliezen. Jaar na jaar blijft de wedstrijd trouw aan haar tradities en haar diepe verankering rond de kerktoren van het dorp.
De koers vindt al sinds 1928 op de dinsdag na de derde zondag van september plaats en mag telkens rekenen op een stevig deelnemersveld van 175 elite renners en elite zonder contract. De wedstrijd geniet een uitstekende reputatie binnen het wielermilieu, waardoor ook elk jaar opnieuw een selectie van Worldtour renners aan de start verschijnt. Die mix van jonge talenten, sterke Belgische Elite-renners en ervaren profs zorgt telkens voor een hoogstaand sportief spektakel.
Naast de elitewedstrijd investeert de organisatie ook sterk in de jeugdwerking. Jaarlijks worden vijf jeugdkoersen georganiseerd, waarmee de Textielprijs niet alleen inzet op topsport, maar ook op de toekomst van het wielrennen. Zo blijft Vichte, ondanks zijn beperkte omvang, een dorp met een grote wielerziel en een blijvende plaats in de rijke geschiedenis van de Vlaamse koers. Niet officiële bronnen melden dat er in Vichte het meeste aantal koerskilometers per inwoner worden verreden, en dit al meer dan honderd jaar.
Het hele dorp
Daarnaast leeft de Textielprijs niet alleen op en rond het parcours, maar in het hele dorp. Tal van plaatselijke verenigingen organiseren jaarlijks uiteenlopende randactiviteiten, waardoor de koers als sinds zijn ontstaan garant staat voor volkse ambiance en verbondenheid in het dorp. Dit is wat de Textielprijs bijzonder maakt: de typische koerssfeer die rond het evenement hangt. Duizenden supporters komen de renners aanmoedigen in de straten van Anzegem en elk jaar verwelkomt het evenement meer dan 1250 ondernemers in de VIP-ruimte.
Hoe het begon
Eind de 19de eeuw was er - mede door de natte kleigronden die de landbouw moeilijk maakten - weinig economische activiteit in het dorp. In 1875 kwam daar verandering in. Een zekere Joannes Steverlynck komt er zich met zijn gezin vestigen en startte er met het ‘scheren van kettingen’ (garenvoorbereiding voor de handwevers). Het bedrijf groeide snel en in 1886 richtte de familie een door stoom aangedreven weverij op, wat toen uniek was in de regio. Ook de kerkbaljuw, Ivo Bekaert, stortte zich op textiel en kocht zes weefgetouwen voor het maken van matrasstof. Op deze manier ontstond er bedrijvigheid en menige volgden hun voorbeeld.
Het was dezelfde periode waarin de fiets zijn intrede deed in het platteland en de textiliens waren er als de kippen bij om zo een ‘hebbeding' aan te schaffen. Niet iedereen kon zich in deze periode een fiets aanschaffen en men moest er al vlug een half jaarloon van arbeiders voor neertellen. Net zoals de wielrenners uit Vlaanderen de bijnaam “Flandriens” kregen, werden ook de textielfabrikanten in de streek bedacht met een verfranste benaming van hun beroep: de “Textiliens”.
Wielrijdersbond in Vichte
De Vichtse fietsers verenigden zich en richtten er; als éen van de eerste 10 in de provincies, hun eigen wielrijdersbond op. Al heel snel startte de club ook met het organiseren van koersen en op 7 juli 1895 worden er in het plattelandsdorp reeds 2 koersen verreden, waaronder één voor de leden van de wielrijdersbond zelf. Dat de fiets toen voor de “happy few” was, konden we afleiden uit de deelnemerslijst. De deelnemers waren immers allen notabele (textiel)ondernemers.
Tijdens de Eerste Wereldoorlog kreeg Vichte het sterk te verduren en aan koersen werd er niet meer gedacht. Gelukkig weten de gebroeders Steverlynck en de familie Bekaert na de oorlog hun gestolen weefgetouwen uit Duitsland terug te halen. Met de nodige wendbaarheid zorgden de families ervoor dat het dorp zich snel economisch kon herstellen. Dit betekende de verdere doorstart van de textielindustrie in de gemeente. Overal in het dorp werden er weverijen opgericht, er was immers vraag genoeg.
Van textielfabriek naar koers
Op het hoogtepunt in de jaren zeventig was Vichte de gemeente met de grootste industrialisatiegraad van West-Vlaanderen. Er werden toen een 2500-tal mensen tewerkgesteld in de textielfabrieken in een dorp met amper 3000 inwoners. Waar gewerkt wordt, is er ook nood aan ontspanning.
Al van in de beginperiode wilden de sociaal voelende textielondernemers vertier aanbieden aan hun medewerkers en dorpsgenoten. Van cultuur was er toen nog weinig sprake en koersen waren hét medium om de jaarlijkse kermissen op te fleuren.
Zo richtten de textielfabrieksbazen met enkele kompanen in 1925 een nieuwe wielerclub op, genaamd ‘Wiel in Wiel’. Ze ondernamen toeristische fietstochten naar hun klanten en leveranciers in Gent en Luik, maar al snel begonnen ze ook weer wielerwedstrijden te organiseren.
Eerst voor de jeugd, maar in 1928 komt de elite naar Vichte voor de eerste “gro(o)te prijs Vichte” ; later omgedoopt tot “Textielprijs Vichte”. “Zijn de Heren bereid om te koersen” weerklonk het welkomstwoord. De renners kregen een flinke rit van 105 km te verteren over tien lokale ronden met de Tiegemberg als scherprechter. Als premie werden duivenjongen geschonken. Alfred Hamerlinck (‘Don Fredo’ in de volksmond) wint de eerste editie en zal er met zijn zes overwinningen recordhouder blijven.
Geen koers zonder kermis – geen kermis zonder koers
Behoudens vijf edities tijdens de Tweede Wereldoorlog is deze kermiskoers elk jaar blijven doorgaan.
“Vichte koerse” kan nog steeds rekenen op een massale opkomst van supporters en renners. De belangstelling is ook te merken aan de mooie erelijst met onder meer Alfred Hamerlinck (6x), Juul Huvaere, Albert Sercu, Wereldkampioen Marcel Kint, Gilbert Desmet, Ollivier Valère, André Defoort, Briek Schotte, Olympisch kampioen André Noyelle, Armand Desmet, Joseph Planckaert, Rik Van Looy (2x), Walter Godefroot, Marc Demeyer, Michel Pollentier, Carlo Bomans, Wouter Weylandt, Jens Keukeleire, Jens Debusschere, Iljo Keisse (3x), Julien Vermote, Florian Sénéchal, Dries De Bondt (3x), …
De Koninklijke Sportvereniging Wiel in Wiel werd in 2025 een kranige 100 jarige en de Textielprijs Vichte mag zich intussen de oudste kermiskoers van Vlaanderen noemen. Al sinds haar oprichting wordt het voorzitterschap gedragen door lokale textielondernemers en draait de vereniging volledig op vrijwilligerswerk: iets wat vandaag quasi uniek is geworden in het wielrennen.
Een dertig-tal bestuursleden en meer dan honderd geëngageerde vrijwilligers zetten zich maandenlang belangeloos in om het evenement mogelijk te maken. Zij staan onder meer in voor de veiligheid van renners en publiek, het aantrekken van sponsors, de organisatie van randanimatie, perscontacten en promotie, de volledige administratieve opvolging, het samenstellen van de koerscaravaan, de hospitality voor VIP’s en genodigden, ….
De Textielprijs Vichte is één van de grote ambassadeurs van de kermiskoersen. Een geuzenaam die met veel eer door de club wordt gedragen. Wellicht bestaat er geen enkel dorp waar er zoveel koerskilometers per inwoner zijn verreden als in Vichte. De vereniging blaakt van ambitie en hoopt nog lang zijn koersen rond de kerktoren te kunnen organiseren. Ze zijn immers de bron van onze wielercultuur in Vlaanderen.