Grote Kleinvelokeskoers en bijenkorfvlechten officieel erkend als immaterieel cultureel erfgoed
22 juli 2026De Vlaamse minister van Cultuur plaatst twee nieuwe erfgoedelementen op de Inventaris Vlaanderen voor het Immaterieel Cultureel Erfgoed. De Grote Kleinvelokeskoers in Vlimmeren (Beerse) en het bijenkorfvlechten krijgen daarmee een officiële erkenning als immaterieel cultureel erfgoed.
De Inventaris Vlaanderen geeft een overzicht van ons niet-tastbaar erfgoed: onze kennis, gewoontes, gebruiken en praktijken die zo belangrijk zijn dat we ze moeten koesteren om aan volgende generaties te kunnen doorgeven. De minister kan twee keer per jaar nieuwe elementen toevoegen aan de Inventaris. Zij wordt daarin geadviseerd door de Expertencommissie Immaterieel Cultureel Erfgoed.
Peloton aan startmeet van de Grote Kleinvelokeskoers - © Worstenfeesten vzw
Grote Kleinvelokeskoers tijdens de Worstenfeesten in Vlimmeren
Jaarlijks vindt in augustus tijdens de Worstenfeesten in Vlimmeren, in de gemeente Beerse in de Antwerpse Noorderkempen, de Grote Kleinvelokeskoers plaats. Dit jaar al voor de 70ste keer. Een indrukwekkend peloton van verklede volwassenen op kinderfietsjes maakt furore in de dorpskern en trekt hiermee honderden toeschouwers naar het dorp.
De thema’s van de ploegen in de koers reiken van actuele thema’s uit het wereldnieuws tot referenties naar grappige Vlimmerse anekdotes van het afgelopen jaar. Een truiensysteem met een gele, groene en bolletjestrui volgt dan weer het voorbeeld van het systeem in de Tour de France. De koersdirectie leidt alles in goede banen.
De feesten en de koers staan garant voor gezelligheid en vertier, maar vervullen ook een belangrijke sociale rol. Van structurele steun aan goede doelen tot logistieke steun aan tal van activiteiten van verenigingen: waar het kan, proberen de organisatoren mee de schouders te zetten onder de hechte dorpsgemeenschap in Vlimmeren.

Vlechtcursus - © Frank Leroi
Bijenkorfvlechten
Bijenkorfvlechten vormt een bijzondere kruising tussen cultuur, ecologie en bijenwelzijn. Het is een ambacht dat we kennen sinds de middeleeuwen. Voordien leefden bijenkolonies vooral in boomholtes. Een korf, gevlochten met materialen als vlas, rogge, pijpenstro of sommige grasstengels, bootst zo’n boomholte na. Vandaag zijn er bij ons niet veel korfvlechters of imkers die werken met korven. De bijenkasten hebben doorheen de tijd de bijenkorven vervangen.
Een kleine maar gepassioneerde groep vlechters zet zich in voor dit ambacht, dat ook ecologisch van belang is. Volledig steunend op natuurlijke en lokaal beschikbare materialen, sluit het aan bij de natuurlijke leefwijze van de bijen, die zich in korven natuurlijker kunnen gedragen. Daarnaast is het korfvlechten een mooi voorbeeld van levend erfgoed, dat oude landschapskennis bewaart en mensen opnieuw verbindt met seizoenen, materialen en ambacht. De erkenning onderstreept het belang van het ambachtelijke vakmanschap en de inspanningen van de beoefenaars om de kennis levend te houden.

Willy Willems toont zelfgevlochten bijenkorf - © Willy Willems