De ludieke vete tussen Aalst en Dendermonde

De vete tussen Dendermonde en Aalst gaat al eeuwen terug. Het conflict begon in de late middeleeuwen als een geldkwestie rond tol- en handelsrechten op de Dender, waarbij Dendermonde meer privileges had, wat in Aalst voor wrevel zorgde. Later werd het een deel van de folklore en in de jaren 1950 veranderde het in een ludiek steekspel tussen beide steden. 

Beide steden liggen op nauwelijks 10 kilometer van elkaar. Ze delen dezelfde regio, dezelfde rivier, dezelfde provincie. Toch leggen ze graag de klemtoon op de verschillen. De onderlinge rivaliteit is een stukje identiteit. Tegelijk blijft het een spel: ondanks de scherpe satire is er een gedeeld begrip dat het om traditie en folklore gaat, wat zorgt voor een evenwicht tussen rivaliteit en wederzijds respect. Het ludieke maakt de vete uniek.

Satire, spot en slogan
De vete tussen Aalst en Dendermonde is een levendige erfgoedpraktijk die zich uit in een speelse, symbolische rivaliteit tussen beide steden. Deze traditie komt vooral tot uiting tijdens publieke feestmomenten en bij spotnamen, met als belangrijkste context Aalst Carnaval met zijn Ros Balatum en de Ros Beiaardommegang in Dendermonde. 

Tijdens deze evenementen worden historische spanningen en volksverhalen op een humoristische en creatieve manier verteld en geënsceneerd. Zo duikt er tijdens Aalst carnaval wel eens een praalwagen op die het Ros Beiaard parodieert met een “modern” paard op wieltjes dat zogezegd sneller en slimmer is, terwijl Dendermonde trots benadrukt dat hun paard alleen vooruitgaat dankzij de kracht en eensgezindheid van echte “pijnders”. De ene is uitdagend en provocerend, de andere waardig en standvastig.

De erfgoedpraktijk bestaat uit verschillende elementen. In Aalst vertaalt de rivaliteit zich vooral in satire: carnavalsgroepen bouwen praalwagens en ontwerpen kostuums waarin Dendermonde en zijn symbolen op de korrel worden genomen. Dit gebeurt via karikaturen, woordspelingen en visuele humor. Liedjes als “Deiremonne stinkt” en slogans versterken deze spot en worden luidkeels gezongen tijdens stoeten en feesten. In Dendermonde krijgt de rivaliteit een meer symbolische invulling, waarbij trots rond het Ros Beiaard en de eigen geschiedenis centraal staat, soms met subtiele verwijzingen naar Aalst. 

De vete speelt zich tegelijk af op cultureel, sociaal, economisch en symbolisch gebied. Ze is niet constant aanwezig maar ze sluimert en laait op bij specifieke gelegenheden; een groot evenement zoals Carnaval of de Ros Beiaardommegang, een sportieve confrontatie, een mediagebeuren of een politieke beslissing Zo zie je bij een derby tussen Eendracht Aalst en KAV Dendermonde hoe supporters elkaar plagerig uitdagen met liederen over “ajuinen” of het “trage paard”. In de media laait het op wanneer Aalst Carnaval nationaal in het nieuws komt. Dendermonde reageert dan soms door zijn eigen traditie extra in de verf te zetten als waardiger en authentieker.

 

Met de tijd mee
Doorheen de jaren is de erfgoedpraktijk geëvolueerd. Waar de rivaliteit vroeger sterker verbonden was met historische conflicten en lokale trots, ligt vandaag de nadruk meer op humor, creativiteit en spektakel. De thema’s die aan bod komen, zijn mee geëvolueerd met de tijd en bevatten vaak ook actuele maatschappelijke of politieke verwijzingen. Tegelijk blijven vaste symbolen, zoals het Ros Beiaard of typische Aalsterse carnavalsfiguren, een herkenbare rol spelen. Op sociale media krijgt de tegenstelling bovendien een nieuw elan. Facebookgroepen en lokale nieuwspagina’s voeden de onderlinge plagerijen. Een beslissing in Aalst wordt in Dendermonde al eens met een “kwinkslag” becommentarieerd en omgekeerd. 

Stimulans
Zonder Dendermonde zou Aalst minder uitgesproken een rebelse stad zijn. Zonder Aalst zou Dendermonde minder herkenbaar zijn in traditie en waardigheid. Vandaag leidt die vete tot constructie en stimulans. Als Aalst investeert in een nieuw cultureel initiatief zal Dendermonde tonen dat het evenveel ambitie heeft. Competitie wordt een positieve motor voor beide steden. Zo gebruiken de Aalstenaars de (spot)naam 'ajuinen' eigenlijk met trots. 

Van generatie op generatie
De overdracht gebeurt voornamelijk informeel en intergenerationeel. Verhalen over de vete, typische grappen en historische verwijzingen worden mondeling doorgegeven binnen families, vriendengroepen en verenigingen. Kinderen komen al vroeg in contact met de traditie door deelname aan jeugdgroepen of door simpelweg mee te gaan naar stoeten en festiviteiten. Zo leren ze de “taal” van de satire begrijpen en zelf toepassen. Kennis van lokale geschiedenis en tradities kunnen helpen, omdat veel grappen en verwijzingen daarop gebaseerd zijn.

Gemeenschap
De vete wordt gedragen door een breed netwerk van verenigingen, carnavalsgroepen, bestuurders en lokale gemeenschappen. Denk daarbij bijvoorbeeld aan de Pijndersgilde van Dendermonde, de Kaiserlycke Soevereine Caemere der Draeckenieren tot Aelst, het Ros Beiaardcomité, de Prinselycke Carnavalscaemere der Aloude Kaizerlycke Stede tot Aelst, kortweg Prinsencaemere, de Prinsengarde der Stad Aalst, kortweg Prinsengarde, de losse en vaste carnavalsgroepen, het 'Poepentejooter Aabazjoer’ – d'Histoere van 't Peerd' , de Burgemeester en schepenen van beide steden en eigenlijk elke inwoner van beide steden wanneer een “gelegenheid” zich voordoet. En dat zijn er veel! 

Wie vandaag door Aalst of Dendermonde wandelt, ziet geen front. Maar op een terras of tribune merk je op dat de onderlinge competitie springlevend is. Niet als vijand maar als vriend. Misschien is het daarom waarom die vete zo lang standhoudt; ze breekt niet af, maar groeit en bloeit.