Het uitblazen van kaarsjes op een verjaardagstaart
Het uitblazen van kaarsjes op een verjaardagstaart is een kleine maar mooie traditie. Het is er één waar je vaak nauwelijks bij stilstaat, maar die toch bijna altijd een vast onderdeel vormt van het vieren van een verjaardag, zeker (jonge en minder jonge) kinderen
In onze familie worden de lichten even gedimd en de verjaardagstaart feestelijk naar boven gehaald. Al dan niet ondersteund door het zingen van een verjaardagslied. Vooral bij kinderen is de taart meestal versierd met evenveel kaarsjes als de leeftijd van de jarige. Dat kan natuurlijk zo lang doorgaan als je wilt, maar op een gegeven moment maken de vele kleine kaarsjes plaats voor kaarsen in de vorm van een cijfer, of simpelweg voor een onbepaald aantal kaarsjes.
Voordat de taart wordt aangesneden, probeert de jarige de kaarsjes in één keer uit te blazen. Lukt dat, dan mag je een wens doen. Al mag dat in de praktijk ook als het niet lukt, of als een broer of zus een handje moet helpen. Volgens de traditie mag je die wens niet hardop uitspreken, want zodra je dat doet, zou hij niet meer uitkomen.
Maar waarom doen we dit eigenlijk?
De traditie om kaarsjes op een taart te plaatsen stamt waarschijnlijk uit het oude Griekenland. Daar werden ter ere van de godin Artemis (godin van de maan en de jacht) kleine ronde taartjes gebakken en versierd met brandende kaarsjes. De ronde vorm stond symbool voor de volle maan, terwijl de vlammetjes het maanlicht uitbeelden.
Men geloofde bovendien dat de rook van de kaarsen gebeden en wensen mee met zich naar boven droeg, naar Artemis dus. Het gebruik om een wens te doen bij het uitblazen van de kaarsjes vindt vermoedelijk hier zijn oorsprong, net als het idee dat die wens extra kracht heeft wanneer alle kaarsen in één keer worden uitgeblazen.
Traditie
Voor mij (en voor velen) is dit verjaardagsritueel een klein maar essentieel onderdeel van een feestje. Er is niet altijd een taart voor handen (of de jarige vindt taart niet lekker). Toch probeer ik de kaarsjes zo goed mogelijk te integreren in het verjaardagsgebeuren. Zo kunnen ze ook branden op een watermeloen, blauwe bessen of pannenkoeken. De verjaardagstaart is voor mij van minder belang, het zijn de kaarsjes en het uitblazen ervan die het verjaren en het vieren ervan extra flair geven.
Het laat zien hoe zo’n eenvoudig gebruik ook immaterieel erfgoed kan zijn, iets waar we niet altijd bewust bij stilstaan. Het hoeft niet groots of plechtig te zijn, maar het zijn ook kleine tradities zoals deze die voortleven, en die we al van kinds af aan doen en doorgeven aan onze kinderen, neefjes, nichtjes en/of petekindjes.
En deze traditie zit hem voor mij ook in het wegschrappen van de gesmolten was op de taart, én in de ongeschreven regel: wie de taart snijdt, krijgt het kleinste stuk. Goed verdelen dus!

