Rederijkerscultuur blijft bron van onderzoek

Niet alleen de rederijkerscultuur, ook het onderzoek naar de rederijkers kent een lange geschiedenis. Zowel door de rederijkerskamers zelf, als door wetenschappers met interesse in historisch of sociaal onderzoek of met een voorliefde voor literatuur en taal. 

Al op het einde van de 18de eeuw ontstond het historisch onderzoek naar de aard, verspreiding, activiteiten en literatuur van rederijkerskamers. Het literatuur-, toneel- en sociaalhistorisch onderzoek behandelt vooral de 15de tot 19de eeuw. Maar ook vandaag bieden de rederijkers voer voor onderzoekers. Een meer cultureel-antropologische benadering lijkt hiervoor de meest aangewezen weg. 

De nauwe banden tussen de rederijkers en de academische wereld, vormen een pluspunt voor de toekomst van het rederijkerswezen. 

Het Verbond van de Kamers van Rhetorica VZW en de rederijkerskamers zelf doen ook onderzoek. Enkele invalshoeken zijn bijvoorbeeld: 

  • Een overzicht van de belangrijkste publicaties over de rederijkerij. 
  • Een zoektocht naar sporen van rederijkerskamers in Frans-Vlaanderen, waarbij lokale verenigingen en lokale academici uit dit gebied gecontacteerd werden. 
  • Profielschetsen en behoeftenonderzoek van rederijkerskamers met oog op toekomstig beleid. 
  • Een onderzoek naar eigen geschiedenis en activiteiten in het kader van een feestjaar van een rederijkerskamer. De resultaten daarvan worden gebundeld in mooie jubileumdrukken en verspreid onder leden en sympathisanten. 

In een rederijkerskamer vinden mensen elkaar in hun gezamenlijke liefde voor taal en taalvaardigheid. In Vlaanderen beoefenen rederijkers taal vooral via amateurtheater. In mindere mate via zang en dichtkunst. 

Wil jouw vereniging ook werk maken van een profielschets en behoeftenonderzoek? 

Het verbond van de rederijkerskamers deed een uitgebreide bevraging onder haar leden met het oog op het toekomstig beleid. Wat onderzochten zij zoal?

Zij inventariseerden

  • hun ledenstructuur, 
  • werking, 
  • activiteiten, 
  • engagement, 
  • financiële draagkracht, 
  • beschikbare infrastructuur 
  • ....
En deden een behoeftenonderzoek, waarbij elke Kamer kon aangeven welke volgens haar de belangrijkste taken van het Verbond zijn. 

Op basis daarvan konden gemiddelde profielschetsen van Kamers worden opgesteld. Onderscheiden profielen hebben immers onderscheiden behoeften en vergen bijgevolg een onderscheiden aanpak.